• Hilde Sabbe

Helderrode mening

'Maar wat hebben de socialisten dan gedaan, dat we 1 mei vieren?', placht ik als kind aan mijn moeder te vragen. 'Dankzij de socialisten moeten kinderen niet langer in de fabriek werken, hoeven mensen zich geen twaalf uur per dag af te beulen en hebben ze recht op vakantie en een pensioen', antwoordde ze. Dat was behoorlijk veel om dankbaar voor te zijn, begreep ik.

Jaren later stelde mijn kleine blonde zoon dezelfde vraag. Ik herhaalde mijn moeders woorden, maar – typisch- slikte hij ze niet als zoete koek. 'Dat is lang geleden', stelde hij droog vast. 'Wat doen socialisten nu?'

Ik mompelde iets over een strijd die nooit gestreden is, over gelijke kansen voor iedereen, en omdat zijn vader een dichter is gooiden we er een vers van Herman De Coninck tegenaan.


Vooraan in mijn tuin vertellen rozen


een helderrode mening waar ik achter sta.


Te kijken.



Ik geloof in een socialisme zoals de natuur


ons dat leert, wie zei dat ook weer: lucht



en zon zijn van iedereen.


De gelijkheid van er is voor allemaal evenveel


regen, groeien jullie maar, planten.


En de prachtige ongelijkheid die dat oplevert.



Zoveel jaren later vind ik het nog altijd een goede illustratie van waar het socialisme voor staat. 'Prachtige ongelijkheid' kan wat vreemd lijken, maar dat is het niet. Socialisme staat niet voor eenheidsworst waar geur noch smaak aan is, ontkent de kracht van het individu niet, is niet jaloers op talent of fortuin. Socialisten zijn geen pretbedervers die a priori tegen ondernemers zijn, succes verdacht vinden of uitschieters wantrouwen.

Zolang de basisvoorwaarden – lucht en zon – maar volop aanwezig zijn. Gelijke kansen voor iedereen, en bloei dan maar, mensen, elke op zijn manier – maar iedereen weet dat het daar vaak mank loopt. Afkomst, huidskleur, sekse: nog veel te vaak zijn die determinerend. Socialisme gelooft in zoveel mogelijk corrigerende mechanismes inbouwt om die oorspronkelijke achterstand weg te werken .


De jongste jaren domineert in de politieke arena een heel ander discours, namelijk dat, wie steenrijk is geworden, dat volledig aan zichzelf denkt, en wie blijft haperen, dat ook alleen aan zichzelf heeft te danken en gewoon te weinig zijn best doet. Veel te kort door de bocht, vindt filosoof en econoom Ingrid Robeyns.


'Wij kunnen helemaal geen welvaart creëren zonder op de schouders van de generaties voor ons te staan', stelt zij. Neem een willekeurige miljonair uit de 21ste eeuw, en verplaats die naar een samenleving met een beperkte infrastructuur en een primitief niveau van wetenschap en innovatie, en het wordt meteen duidelijk dat de meeste fortuinen niet kunnen worden vergaard zonder een beroep te doen op technologie, kennis en instituties die door anderen zijn bedacht.


Er zit ook een ecologische kant aan het verhaal van morele rijkdom. De meeste bedrijven zouden veel kleinere winsten behalen als ze een eerlijke prijs zouden betalen voor de milieuvervuiling bij productie en transport.



'Wie het economisch en financieel voorspoedig gaat', concludeert Robeyns, 'zou zichzelf niet op de borst moeten kloppen, maar zich in de handen mogen knijpen, dankbaar voor zoveel mazzel, om vervolgens te doen wat past bij dat inzicht: opkomen voor medemensen die minder geluk hebben gehad. Rijke mensen zouden best meer belastingen kunnen betalen zonder pogingen die te ontwijken'.

Dat zou ik tegen mijn zoon willen zeggen als hij hier was: dat het socialisme niet iets van vroeger is. Dat er, zeker op dit moment in de geschiedenis, behoefte is aan meer socialisme, meer mededogen , meer zachtheid. Meer poëzie.

13 keer bekeken

©one.brussels

  • White Facebook Icon
  • White Twitter Icon

geëngageerde Brusselaars met